Aanlandingen wind op zee
We gebruiken in Nederland steeds meer duurzame energie. Windenergie op zee speelt hierbij een grote rol. De energie die we opwekken op de Noordzee moet van windparken via stroomkabels en waterstofleidingen aan land komen. Deze kabels en leidingen sluiten we aan op het elektriciteitsnet en het waterstofnetwerk. Dit noemen we aanlanden.
Voor het aan land brengen van meer windenergie zijn nieuwe verbindingen nodig. Daarom onderzoekt de Rijksoverheid mogelijke routes hiervoor in 2 programma’s: Programma Aansluiting Wind Op Zee – Eemshaven (PAWOZ – Eemshaven) en Programma Verbindingen Aanlanding Wind Op Zee (VAWOZ).
Wat is er nodig voor aanlanding?
Voor de aanlanding van windenergie op zee zijn verschillende stations op zee en op land nodig:
- Het platform op zee zet wisselstroom om in gelijkstroom.
- Het converterstation op land zet gelijkstroom om in wisselstroom en brengt het op de juiste spanning voor het hoogspanningsnet.
- Het hoogspanningsstation sluit kabels aan op het elektriciteitsnet.
Van gelijkstroom naar wisselstroom (converterstation)
Omdat nieuwe windparken steeds verder op zee komen te liggen, is de elektriciteit langer onderweg naar land. Om bij het vervoer zo weinig mogelijk stroom te verliezen, gebruiken we gelijkstroomkabels in plaats van wisselstroomkabels. Op land gaat de gelijkstroom eerst naar een converterstation, dat de stroom omzet in wisselstroom. De kabels hebben een spanning van 525 kilovolt (kV). Het converterstation zet dit om naar 380 kV. Dit is de spanning van het landelijk elektriciteitsnet waarop we de kabels aansluiten.
Aanlanding in de Eemshaven (PAWOZ - Eemshaven)
Programma Verbindingen Aanlanding Wind Op Zee (VAWOZ) deed in meerdere regio’s onderzoek naar kabels en leidingen om windenergie van windparken op zee aan land te brengen (aanlandingen). In Noord-Nederland onderzochten we dit in Programma Aansluiting Wind op Zee (PAWOZ) - Eemshaven.
Routes voor toekomstige aansluitingen in Noord-Nederland
Er zijn 2 mogelijke routes aangewezen voor kabels en leidingen voor toekomstige elektrische verbindingen in Noord-Nederland:
- de Tunnelroute
- de Oude Westereems route
Er zijn daarnaast 3 mogelijke routes aangewezen voor kabels en leidingen voor de aanlanding van waterstof.
Tunnelroute
De Tunnelroute begint bij een ingangspunt (intredepunt) op de Noordzee. De route loopt onder het Waddengebied door, en eindigt bij een aanlandingspunt in of bij de Eemshaven. Wij onderzoeken deze route verder voor vervoer van elektriciteit en waterstof. Ook onderzoeken we op verzoek van de regio de vervuiling met CO2.
Deze route is technisch ingewikkeld en moeilijk te organiseren. We willen onnodige vertraging voorkomen. Daarom onderzoeken we al verder of deze route haalbaar is, voordat er een besluit is genomen over alle routes in Programma VAWOZ. Dat doen we samen met de regio. Ook werken we een aantal belangrijke onderdelen van de Tunnelroute verder uit.
Oude Westereemsroute
De Oude Westereemsroute loopt door het Eems-Dollard Verdragsgebied. Duitsland en Nederland beheren dit gebied samen. Voor de aanleg van kabelsystemen is een vergunning van Duitsland nodig. De Duitse autoriteiten in PAWOZ-Eemshaven hebben gezegd dat ze geen vergunning willen geven.
Geeft Duitsland in de toekomst toch een nieuwe mogelijkheid om deze route te onderzoeken? Dan onderzoekt het ministerie van Economische Zaken en Klimaat samen met Duitsland of de route mogelijk is.
Waterstofroutes
PAWOZ-Eemshaven onderzocht ook routes voor kabels en leidingen voor de aanlanding van waterstof. De effecten hiervan op het milieu zijn onderzocht in het planMER, en de haalbaarheid in de Integrale Effectanalyse. Daaruit blijken 3 routes het meest geschikt:
- de Ameland Wantijroute
- de Zoutkamperlaagroute
- de bovengenoemde Tunnelroute
We onderzochten ook of het mogelijk is om bestaande aardgasleidingen op de Noordzee te hergebruiken om waterstof te vervoeren. Bij de start van een vervolgprocedure gebruiken we deze resultaten als basis. Ook gebruiken we de onderzoeksresultaten uit Programma VAWOZ.
Ontwikkeling waterstof op zee gepauzeerd
Het maken van groene waterstof op zee gaat op dit moment minder snel dan gepland. Dit komt vooral doordat de kosten hoger zijn dan verwacht en er minder vraag is. Daarom pauzeren tot 2030 met waterstofprojecten op zee. Er worden in Programma VAWOZ geen voorkeursalternatieven voor waterstof aangewezen.
Naar welke locaties deed Programma VAWOZ onderzoek?
Het opwekken van eigen energie maakt Nederland in de toekomst minder afhankelijk van andere landen. Met deze duurzame energie dragen we bij aan het bereiken van onze klimaatdoelen. Windenergie op zee speelt daar een belangrijke rol in.
Daarom gaan we het aantal gigawatt (GW) aan windenergie op zee verder uitbreiden. Voor het aan land brengen van al die windenergie zijn nieuwe verbindingen en aansluitlocaties nodig. Daarom is de Rijksoverheid in 2023 gestart met Programma Verbindingen Aanlanding Wind Op Zee (VAWOZ).
Programma VAWOZ deed onderzoek in 4 regio’s op land en op de Noordzee. Dat zijn:
- Noord-Holland
- Zuid-Holland
- Zeeland
- Noord-Brabant
Het doel is om zoveel mogelijk energie direct aan te sluiten op grote bedrijven uit de industrie. Dan hoeft de elektriciteit niet naar het overvolle elektriciteitsnet te gaan.
Programma VAWOZ heeft onder meer onderzocht:
- of de elektriciteit past op het elektriciteitsnet;
- wat de gevolgen zijn voor het milieu, de omgeving en de economie;
- of de plannen technisch mogelijk, veilig en betaalbaar zijn.
Daarbij werkte het ministerie van Economische Zaken en Klimaat nauw samen met:
- de landelijke netbeheerders TenneT en Gasunie
- Rijkswaterstaat
- provincies
- gemeenten
- natuur- en milieuorganisaties.
Hoe doet u mee?
We vragen belangenverenigingen - waaronder bewonersverenigingen – of we voor de routes van kabels en de aansluitlocaties op belangrijke punten moeten letten. Deze punten helpen bij het maken van besluiten.
Het programma wordt in het 2e kwartaal van 2026 bekend. Zodat iedereen zijn of haar mening kan geven. Dit heet ‘ter inzage leggen’. In (de aanloop naar) deze periode organiseren we ook inloopbijeenkomsten en webinars. Tijdens de terinzagelegging kunt u uw mening geven door een zienswijze in te dienen.