De gebouwde omgeving: woningen en gebouwen
In woningen en gebouwen gebruiken we energie vooral voor verwarmen, koken, verlichting en elektrische apparaten. Waar deze energie vandaan komt en hoe we die gebruiken, verandert de komende jaren:
- Woningen worden beter geïsoleerd.
- Verwarming verschuift van aardgas naar warmtenetten en (hybride) warmtepompen.
- We koken steeds vaker elektrisch, bijvoorbeeld via inductie.
- Steeds meer gebouwen wekken zelf energie op via zonnepanelen.
Wilt u meer weten over de verduurzaming van huizen en gebouwen? Bekijk dan ook
de website van Volkshuisvesting Nederland
.
Industrie
De industrie gebruikt veel energie, vaak op hoge temperatuur. Daarvoor zijn meerdere soorten energie benodigd:
- Waar mogelijk stappen processen over van fossiel op stroom, die uit duurzame bronnen kan worden opgewekt.
- Waterstof speelt een belangrijke rol in energie-intensieve industrie waar elektriciteit geen optie is.
- Warmte die vrijkomt, wordt hergebruikt. Bijvoorbeeld voor verwarming bij andere bedrijven (zoals landbouw) of voor huishoudens.
Waar verduurzaming nog niet mogelijk is door gebruik van schone energie, wordt CO₂ afgevangen en opgeslagen. Zo komt de uitstoot van CO₂ niet in de lucht.
Meer weten over het verduurzamen van onze industrie? Bekijk dan ook
de website van het Nationaal Programma Verduurzaming Industrie
.
Vervoer
Ook ons vervoer verandert.
- Personenauto’s worden steeds vaker elektrisch.
- Voor vrachtvervoer komen elektrische oplossingen en wordt waterstof benut.
- In de luchtvaart en scheepvaart worden in de toekomst duurzame brandstoffen gebruikt, zoals biogrondstoffen. Dit is op korte termijn echter nog nog niet voldoende beschikbaar.
Landbouw
In de landbouw wordt energie gebruikt voor bijvoorbeeld kassen, machines en transport.
Het energieverbruik in deze sector verandert ook.
- De glastuinbouw gebruikt aardwarmte en warmte die vrijkomt bij industrieën.
- Machines voor de landbouw worden zoveel mogelijk elektrisch.
- Uit mest en plantaardige resten wordt biogas geproduceerd.