Waarom 2050?
De energietransitie is een grote klus die tijd kost. We gaan energie op nieuwe manieren opwekken. Dat heeft ook gevolgen voor de manier waarop we energie transporteren, opslaan en gebruiken. Zulke veranderingen raken heel Nederland en kunnen niet in één keer worden uitgevoerd. Daarom kijken we vooruit naar 2050. Dat is het moment waarop Nederland klimaatneutraal wil zijn: we stoten dan vrijwel geen broeikasgassen meer uit. Dit doel is vastgelegd in de Klimaatwet en sluit aan bij Europese en internationale afspraken, zoals het Parijsakkoord. Om ervoor te zorgen dat we op schema blijven, zijn er ook doelen vastgesteld voor 2030.
- 55% minder uitstoot van broeikasgassen vergeleken met 1990
- 32-42% hernieuwbare energie in 2030 binnen Europa, voor Nederland is dat 39%
- Energieverbruik omlaag met ongeveer 39%
Stap voor stap veranderen
We veranderen onze energievoorziening geleidelijk. Dat is vergelijkbaar met een verbouwing: je vervangt niet alles tegelijk, maar werkt stap voor stap. Ondertussen moet alles wel blijven werken. We moeten energie kunnen blijven gebruiken: thuis, op werk en onderweg. Zo blijft onze energievoorziening betrouwbaar en betaalbaar.
Waarom fossiele energie voorlopig nodig is
Tijdens de energietransitie blijven we voorlopig nog gebruikmaken van aardgas en andere fossiele brandstoffen. Dat is nodig omdat duurzame energie nog niet altijd en overal voldoende beschikbaar is. Daarnaast kunnen sommige sectoren (zoals de industrie) nog niet volledig duurzaam zijn.
Het gedeelte fossiele energie in ons energiesysteem wordt stap voor stap kleiner. Maar helemaal stoppen kan pas als het nieuwe systeem voldoende is opgebouwd. Op de pagina over gaswinning leest u meer over de rol van aardgas in deze overgang.
De energietransitie is al in volle gang
De energietransitie is al in volle gang. Nederland is nu al een van de koplopers in hoeveelheid zonne-energie per inwoner. We bouwen al langer windparken op zee, waarvan de eerste klaar was in 2007. Het elektriciteitsnet wordt volop uitgebreid. Huizen worden beter geïsoleerd en anders verwarmd, en bedrijven en industrie zijn al hard bezig hun werkzaamheden te verduurzamen. Wilt u meer weten over waar we al staan? Lees hier verder.
Hoe ziet de route naar 2050 eruit?
Nu - 2030: eerste veranderingen zichtbaar
Tussen nu en 2030 zien we grote veranderingen. We rijden steeds vaker elektrisch, verwarmen meer woningen met warmtepompen en stappen in de industrie over op elektrische processen in plaats van aardgas. Warmtenetten breiden uit en maken steeds vaker gebruik van duurzame bronnen, zoals aardwarmte, in plaats van fossiele energie.
Er wordt in deze periode gewerkt aan de benodigde uitbreidingen voor het energienet. Extra kabels, leidingen en stations worden bijgebouwd of voorbereid. Omdat dit tijd kost, zijn deze uitbreidingen nog niet altijd zichtbaar en blijft het elektriciteitsnet druk bezet.
2030 - 2040: duurzame energie wordt de norm
Tussen 2030 en 2040 wordt duurzame energie steeds vanzelfsprekender. We wekken veel meer stroom op met wind en zon. We proberen energie zoveel mogelijk op te wekken waar de vraag naar energie is, zodat we minder hoeven te transporteren. Op momenten dat er veel energie is, slaan we die op of zetten we die om in waterstof. Zo kunnen we die energie later gebruiken als er minder zon en wind is. Samen zorgt dit ervoor dat stroom bijna zonder uitstoot van broeikasgassen wordt opgewekt.
Ondertussen gaan we door met het verduurzamen van woningen en bedrijven, bijvoorbeeld met warmtepompen en warmtenetten, en rijden ook vrachtwagens steeds vaker zonder uitstoot. Fossiele brandstoffen verdwijnen stap voor stap naar de achtergrond al zijn ze soms nog hard nodig om ervoor te zorgen dat er altijd genoeg energie is.
2040 - 2050: op weg naar een volledig duurzaam energiesysteem
Tussen 2040 en 2050 groeit de hoeveelheid duurzame energie verder door, met meer wind op zee en nieuwe kerncentrales. Nederland werkt daarbij steeds nauwer samen met andere landen, bijvoorbeeld via verbindingen op de Noordzee.
In de industrie worden fossiele grondstoffen steeds vaker vervangen door duurzame alternatieven, en ook de luchtvaart en scheepvaart stappen over op schonere brandstoffen. Omdat fossiele grondstoffen schaarser worden, gebruiken we ze alleen nog waar nog geen goed alternatief is.
In het Nationaal Plan Energiesysteem staan plannen voor de lange termijn over de energievoorziening in 2050. De Rijksoverheid past het plan iedere 5 jaar aan, zodat het mogelijk is om in te spelen op innovaties en maatschappelijke ontwikkelingen. In 2026 wordt het plan ook geactualiseerd. Deze is beschikbaar rondom Prinsjesdag.