Investeringen in leefomgeving
Nederland werkt aan een toekomst met duurzame energie. In de Routekaart 23GW staat waar de komende jaren windparken op de Noordzee komen. De elektriciteit van deze toekomstige windparken gaat via kabels naar land. De bouw en aansluiting van deze windparken heeft impact op de regio waar de energie aan land komt. Om de nieuwe infrastructuur goed in te passen in het landschap stelde het kabinet in 2022 middelen beschikbaar voor gebiedsinvesteringen. In 2024 is een eerste tranche van € 210 miljoen beschikbaar gesteld aan de regio’s om zelf te investeren in hun leefomgeving. In 2026 gaat het om een bedrag van € 245 miljoen in een tweede tranche. Zo zorgt het Rijk voor een eerlijkere verdeling van de lasten en lusten van de energietransitie.
Het gaat hierbij om de regio’s waar de windenergie van windparken van de routekaart 23 GW aan land komt. Aanlandingen voor nog aan te wijzen windenergiegebieden - bijvoorbeeld van het Programma Verbindingen Aanlanding Wind Op Zee (VAWOZ) 2031-2040 - maken dus geen onderdeel uit van deze regeling.
De komende jaren maken we ruimte voor de aansluiting van energie in de regio’s:
- Eemshaven/Noord-Nederland
- Borsele/Zeeland
- Noordzeekanaalgebied
- Maasvlakte/Rotterdam
- Moerdijk/Geertruidenberg
Er komen ook bouwprojecten om de kabels en leidingen aan te leggen. Op zee gaat het om de aanleg van platforms en kabels. Op land gaat het om kabels, converterstations en de aansluiting op het hoogspanningsnet.
Gebiedsinvesteringen
De regio’s bepalen zelf waar geïnvesteerd wordt. De investeringen moeten in ieder geval de leefbaarheid in deze regio’s versterken. Het geld kan bijvoorbeeld bijdragen aan het:
- behouden en versterken van de natuur;
- verbeteren van de fysieke leefomgeving;
- versterken van de regionale economie;
- versnellen en toepassen van de energietransitie (de overgang van van fossiele energie naar hernieuwbare energiebronnen).