Sorry, you need to enable JavaScript to visit this website.
Overslaan en naar de inhoud gaan

Leiden 2, Leiden 3, Rijnland en Oude Rijn

De Minister van Economische Zaken en Klimaat maakt bekend dat op 17 en 24 augustus 2021 de opsporingsvergunningen aardwarmte voor de gebieden Leiden 2, Leiden 3, Rijnland en Oude Rijn zijn verleend. Deze besluiten zijn op 26 augustus 2021 in de Staatscourant gepubliceerd (Staatscourant 2021, nr. 39080).

De opsporingsvergunning: start van het proces

Met een opsporingsvergunning is de eerste stap gezet om tot daadwerkelijke ontplooiing van opsporing en later winning van aardwarmte te komen. Een vergunninghouder heeft de zekerheid dat anderen deze activiteit niet mogen uitvoeren in het desbetreffende gebied. Het doel van deze vergunning is om de investeringen die de vergunninghouder doet voor het opsporen van aardwarmte, bijvoorbeeld seismisch onderzoek, voor een bepaalde periode te beschermen. 

De omgevingsvergunning: toestemming voor de boring

De opsporingsvergunning is een noodzakelijke voorwaarde om aardwarmte te mogen opsporen, maar niet voldoende om een opsporingsboring te starten. Voor deze activiteit is altijd een omgevingsvergunning nodig. 

Procedure en advies

Bij deze vergunning komt de daadwerkelijke locatie van de boring aan de orde en de voorwaarden waaronder de activiteit op de beoogde locatie kan plaatsvinden. Tevens vinden binnen deze procedure afwegingen plaats met betrekking tot de effecten op milieu en omgeving. Onder andere de provincie, gemeente en waterschap worden binnen deze procedure om advies gevraagd.

Toetsing aan lokale wet- en regelgeving

Binnen de procedure voor de omgevingsvergunning wordt ook gekeken of de activiteit is toegestaan volgens lokale wet- en regelgeving. Indien bijvoorbeeld in een Provinciale milieuverordening (Pmv) staat dat in een bepaald gebied niet geboord mag worden, kan voor deze activiteit geen omgevingsvergunning worden afgegeven door de Minister van EZK. In een Pmv kunnen regels staan met betrekking tot onder andere grondwaterbeschermingsgebieden en waterwingebieden.

Beperkingen van de opsporingsvergunning

Over beschermde gebieden kan wel een opsporingsvergunning worden verleend, omdat deze vergunning geen toestemming geeft tot het uitvoeren van een boring. Het verlenen van de opsporingsvergunning doet derhalve geen afbreuk aan de regels uit de Pmv, en biedt ook geen garantie voor de afgifte van andere vergunningen of instemmingen, zoals de omgevingsvergunning en instemming met het winningsplan.

De Minister van EZK doet hiervan melding aan de vergunninghouder in de beschikking.