Informatieplicht bij werkzaamheden met een verplaatsbaar mijnbouwwerk
Wanneer op een mijnbouwwerk een wijziging plaatsvindt, is in veel gevallen een omgevingsvergunning vereist. Voor bepaalde activiteiten geldt echter geen vergunningplicht, maar een informatieplicht.
De informatieplicht geldt onder meer voor het uitsluitend testen, onderhouden, repareren of buiten gebruik stellen van een boorgat met behulp van een verplaatsbaar mijnbouwwerk. Ook het stimuleren van een reservoir via een boorgat met een verplaatsbaar mijnbouwwerk valt onder de uitzondering op de vergunningplicht.
Een verplaatsbaar mijnbouwwerk bestaat uit een samenstel van verschillende systemen. Naast een boortoren omvat dit ook hulpinstallaties, zoals dieselgestookte aggregaten, installaties voor de behandeling van boorvloeistof en voorzieningen voor de opslag van boorpijpen, hulpmaterialen en brandstoffen.
De activiteiten waarvoor een informatieplicht geldt, worden op land over het algemeen uitgevoerd met een boortoren of een coiled-tubinginstallatie. Dit is een installatie waarbij een flexibele pijp op een grote spoel is gewikkeld en die in boorputten wordt ingezet voor verschillende werkzaamheden.